Wetenschappelijke ontwikkelingen in de bèta en techniek creëren een nieuwe wereld. Hoe we in die nieuwe wereld moeten leven mogen we zelf uitzoeken als het aan minister Ingrid van Engelshoven ligt. Ze is vast van plan om geld van alfa- en gammawetenschappen over te hevelen naar bèta en techniek.

Recent stuitte ik op een prikkelend idee van Donald Hoffman (zie zijn TED-talk hieronder): het menselijk brein is niet gemaakt om de waarheid te achterhalen. In de wereld waarin de mens ontstond had je niet veel aan het zien van de wereld zoals die is (als die al bestaat). Onze zintuigen construeren dat beeld van de werkelijkheid daarbuiten dat ons hielp overleven.

We nemen waar wat nuttig is. Wat we niet nodig hebben blijft verborgen. Daarbij creëren we een stelsel van verhalen en ideeën dat ons in staat stelt om in grote groepen samen te leven en te floreren in een complexe wereld. We bedenken goden, geld, de natiestaat en mensenrechten en kunnen erin geloven alsof ze echt bestaan. Ons inbeeldingsvermogen heeft ons tot een bijzonder succesvolle diersoort gemaakt.

Gezond verstand

Dankzij de wetenschappelijke methode konden we ontsnappen aan ons gebrekkige waarnemingsvermogen en de automatische denkfouten die we danken aan ons evolutionaire verleden (lees hierover ook dit eerdere blog: Waar komt de feitenstrijd vandaan?). Dit levert kennis op die vaak compleet indruist tegen het gezonde verstand.

Meestal is dat niet zo’n probleem. We worden constant omgeven door de vruchten van de wetenschappelijke revolutie. We hebben een smartphone in onze zak, een magnetron in onze keuken en eten voedsel afkomstig van hoogtechnologische landbouw. Het zal zelfs de meest rabiate anti-vaxxer, klimaatontkenner en flat earther een worst wezen dat de kennis die dit mogelijk maakt, intuïtief als volstrekte lariekoek aanvoelt. Weinigen buiten de natuurkunde zijn geïnteresseerd in de disputen tussen de aanhangers van de Kopenhaagse interpretatie en die van de veel-werelden-interpretatie. Laat staan dat ze zich vastklampen aan een obscuur paper dat een radicaal andere zienswijze voorstelt.

Zelfbeeld

Heel anders is dat als een slordige studie een niet te reproduceren verband vindt tussen vaccinaties en autisme. Of wanneer een te verwaarlozen minderheid van de klimaatwetenschap de menselijke invloed op het opwarmen van de aarde ontkent. Het verschil tussen kwantummechanica en klimaatwetenschap is de impact die de vakgebieden hebben op de gewone mens en zijn zelfbeeld. Je hoeft kwantummechanica te begrijpen noch te aanvaarden als je heel goed wilt worden in Angry Birds. Maar als je door voor jouw ondoorgrondelijke wetenschappelijke kennis over klimaatverandering je verworvenheden moet inleveren, ligt dat heel anders. Bij anderen wil een eenvoudig en uitvoerig onderbouwd idee dat stelt dat er ontwerp bestaat zonder ontwerper er niet in. Het druist in tegen het geloof in (en behoefte aan) een almachtige schepper. En als de eerste vaccinatie bij je kind samenvalt met de eerste symptomen van autisme, dan moet er wel een causaal verband zijn.

Het probleem is dat de menselijke geest in de weg zit. We willen een waarheid die aansluit bij hoe we denken, redeneren en wat we instinctief aanvoelen. Hoe verder de natuurwetenschap vordert, hoe verder die los zingt van de menselijke beleving. Hoe groter de impact van wetenschappelijke vindingen op het dagelijks leven, hoe meer mensen de hakken in het zand zetten. Als de feiten zich tegen de mens keren, keert de mens zich tegen de feiten.

Oude ideeën

Wetenschap heeft een wereld gecreëerd waarin voor steeds meer mensen de onderste treden van de piramide van Maslow een vanzelfsprekendheid zijn. We hoeven ons geen zorgen meer te maken over ons voedsel, veiligheid en onderdak. Zelfs de minstbedeelden van nu leven een leven waarvan de Franse koning Louis XIV niet eens kon dromen. Tegelijk heeft de wetenschap de totale vernietiging van onze soort mogelijk gemaakt en heeft de vertrouwde antwoorden op existentiële vragen onderuit geschoffeld. God bestaat niet. De vrije wil is een illusie en computers verslaan ons in steeds meer dingen die we als uniek menselijk beschouwden.

Leven in een reductionistische wereld is niet eenvoudig. De verleiding is dan ook groot om de feiten die je ver boven de pet gaan, die indruisen tegen je gezonde verstand, die je positieve zelfbeeld aantasten en je vrijheden inperken, links te laten liggen en terug te grijpen op oude ideeën. Wetenschappelijk gezien kloppen ze niet, maar ze voelen waar, warm en diep aan. Ze brengen je samen met mensen die ze ook koesteren, geven je het gevoel speciaal te zijn en maken je leven zinvol. Het zijn ideeën die na honderdduizenden jaren culturele evolutie precies bieden wat we als mens nodig hebben.

Het goede leven

Natuurwetenschap en techniek zijn extreem succesvol gebleken in het leren kennen en vervolgens transformeren van onze wereld, maar bieden geen enkele houvast als je daarin wilt leren leven. Hoe ziet het goede leven er in de 21ste eeuw uit? Hoe richten we een samenleving in waarin mensen tot bloei komen? Hoe zetten we techniek zo in dat die het beste in de mens naar boven haalt? Welke rol blijft er voor ons over als de mens als arbeidskracht overbodig is geworden? En hoe kan de economie bloeien zonder de planeet en haar bewoners uit te buiten?

We hebben de alfa- en gammawetenschappen harder nodig dan ooit tevoren. Toch besluiten onze machtshebbers om geld van deze universitaire afdelingen over te hevelen naar de bèta en techniek. Wat staat ons te wachten als we ons geld stoppen in technologische ontwikkeling, maar de mens vergeten? Van die wereld waarin steeds minder mensen zich thuis voelen hebben we in de eerste twee decennia van deze eeuw een onheilspellend voorproefje gekregen.